|
Actinobacillus pleuropneumonia (APP)
APP is een ziektebeeld dat we de laatste tijd weer vaker zien in de varkensstallen. APP is een vervelende ziektekiem, die varkens acuut, dan wel chronisch ziek kan maken. Opvallend is dat APP nu vooral die varkens ziek maakt, die juist vrij lijken te zijn van veel kiemen. Varkens met een hogere gezondheidsstatus dus. De ziektekiem APP heeft een voordeel t.o.v. andere kiemen die de luchtwegen aantasten en dat is dat APP een bacterie is.
Hieronder wat vragen over APP met antwoorden.
1.- Wat zien we aan de varkens bij een APP infectie?
APP (Actinobacillus pleuropneumonia), ook wel eenzijdige longontsteking genoemd, kan op drie manieren verlopen. De eerste is peracuut (zeer plotseling); dit lijkt op bloedvergiftiging en gaat gepaard met hoge koorts. Daarnaast hebben de dieren geen eetlust, zijn lusteloos, braken en neus, oren en buik kleuren blauw. Er komt acute sterfte voor. De tweede vorm is acuut. De dieren hebben koorts, ze hoesten en ze eten minder. De derde vorm is de chronische waarbij er geen koorts is en hooguit een versnelde ademhaling
.
2. Er wordt ook wel gesproken over een chronische en een subklinische infectie? Wat zijn de verschillen?
- Chronische vorm: deze vorm ontstaat uit een acute uitbraak die slechts gedeeltelijk onder controle is. Men ziet dan letsels (pleuritis en verklevingen) bij het slachtlijnonderzoek..
- Subklinische vorm: meestal is er geen ziektebeeld. Serologische veranderingen zijn minder duidelijk. Meestal zijn er in het slachthuis geen letsels (pleuritis) te vinden.
3. Hoe stelt men de diagnose bij de chronische en de subklinische vorm?
- Chronische vorm: men probeert de kiem te isoleren uit de gevonden letsels. Serologie, na het ontstaan van klinische symptomen of als varkens slachtrijp zijn, is een andere mogelijkheid.
- Subklinische vorm: serologie is een mogelijkheid.
4. Wat zijn de eigenschappen van de APP bacterie?
APP komt voor in de longen en tonsillen van varkens. De incubatietijd is kort 12 uur tot 3 dagen. Overdracht van de bacterie gebeurt door neus-neus contact tussen de varkens. De bacterie gaat in een droge omgeving gauw dood, in water kan APP wel 20 dagen overleven en in longweefsel wel 4 maanden.
"Varkens van alle leeftijden kunnen ziek worden door een APP-infectie"
Ook uitval door APP kan voorkomen bij biggen in de kraamstal, gespeende biggen, vleesvarkens, opfokzeugen en oudere worps zeugen.
4.- Ik heb een probleem met APP en de bacterie is reeds geïsoleerd: is het belangrijk het serotype te kennen?
Er bestaan 15 verschillende serotypes. Kennis van het serotype kan belangrijk zijn om het ziekmakend vermogen en de epidemiologie van de infectie te kunnen voorspellen. Het kan ook helpen bij het vinden van de infectiebron, bij het kiezen van de te gebruiken antigenen voor serologisch onderzoek en eventueel bij het opstellen van een vaccinatieschema (autovaccins…).
5. Zijn alle serotypes even gevaarlijk?
Nee, over het algemeen zijn in Frankrijk de serotypes 2, 9 en 11 het meest virulent. In de EU zijn dat de types 1, 5 en 7. Serotype 15, de sterkste ziekteverwekker in Australië, komt slechts sporadisch in de EU voor. De minst ziekteverwekkende serotypes vind je in de gesaneerde bedrijven (EU en Canada).
6. Veroorzaakt eenzelfde stam dezelfde ziekteproblemen bij verschillende dieren en verschillende bedrijven?
Niet noodzakelijk. Het ziekmakend vermogen van een stam hangt af van zijn virulentie, het milieu binnen het bedrijf, de immuun-status van de dieren én de gelijktijdige infecties (Mycoplasma hyopneumoniae, PRRS, Influenza, Circo).
7. Kan een bedrijf besmet zijn zonder klinische symptomen en zonder letsels aan de slachtlijn?
Ja, want er bestaat onderscheid tussen weinig en sterk ziekteverwekkende stammen:
- Weinig ziekteverwekkende APP: de meeste commerciële bedrijven zijn geïnfecteerd met 1 of vaak meerdere, weinig ziekteverwekkende serotypes. Deze bedrijven lopen weinig risico op een acute uitbraak van pleuropneumonie. Enkele gesaneerde bedrijven kunnen met zo'n serotype besmet zijn en toch sporadisch een dier met klinische symptomen zien.
- Sterk ziekteverwekkende APP: Bepaalde bedrijven kunnen met deze stammen besmet zijn, zonder aanwezigheid van klinische symptomen in de stal of letsels aan de slachtlijn. Deze bedrijven kunnen verder produceren zonder symptomen, maar kunnen acuut een uitbraak doormaken. Dieren van deze bedrijven kunnen een episode van pleuropneumonie doormaken bij het overplaatsen naar een ander bedrijf.
7. Hoe verspreidt APP zich tussen bedrijven?
60-80% van de Nederlandse varkensbedrijven zou besmet zijn met APP. De overdracht door het personeel (laarzen, materieel...) brengt ons bij de basisregels van de bioveiligheid. Overdracht via de lucht is mogelijk maar in werkelijkheid onwaarschijnlijk.
99 % van de nieuwe APP-infecties in een bedrijf worden veroorzaakt door het binnenbrengen van geïnfecteerde dieren (meestal subklinisch). Ook het transport kan daarbij een rol spelen.
8. Hoe kun je APP het beste behandelen?
APP is een bacterie. Daardoor is een curatieve behandeling met antibiotica zinvol. Curatief wil zeggen dat de zieke dieren behandeld worden. Juist bij een APP infectie bewijzen antibiotica hun waarde. Bij een APP infectie is een injectie het meest effectief. Wel is gebleken dat bij chronische en subklinische infecties de behandeling met antibiotica vaak onvoldoende effect sorteren. Preventief behandelen door managementmaatregelen en eventueel vaccineren is dan meer op zijn plaats.
9. Heeft vaccineren zin?
Om verdere infecties te voorkomen kan het zinvol zijn een vaccinatie in te zetten. Om de biggen te beschermen kunnen de zeugen in de dracht gevaccineerd worden. De biggen zelf kunnen ook gevaccineerd worden. Het vaccinatiemoment is afhankelijk van het al dan niet enten van de zeugen en het infectiemoment. Momenteel is er in Nederland 1 APP-vaccin geregistreerd dat bescherming biedt tegen de APP-serotypen. Dit vaccin heeft op enkele bedrijven zijn waarde bewezen. Onze indruk is dat vaccineren tegen APP gecombineerd met een Circo-vaccinatie op die bedrijven waar een gevoeligheid ligt, een wezenlijke verbetering van de bedrijfsresultaten kan opleveren.
10. Is APP de oorzaak van pleuritis?
APP is niet de enige veroorzaker van pleuritis. Dieren met pleuritis vertonen vaak geen klinische verschijnselen waardoor het lastig is ze op te merken in de stal. Bij bestrijding van pleuritis is het belangrijk om zich op managementmaatregelen te richten en niet op bestrijding van de kiem. Het is namelijk in veel gevallen niet duidelijk op welk moment men welke kiem moet bestrijden. Ingrijpen in contactstructuren is haalbaar onder praktijkomstandigheden. Vermindering van diercontacten, minimaal mengen van tomen, resulteert in betere technische resultaten, in minder dieren met longaandoeningen en in een lager medicijngebruik. Dit is ook door de Animal Science Group uit Wageningen aangetoond
|